Seksuele ontwikkeling

Competenties van jeugdprofessionals

Handvatten voor advies aan en begeleiding van specifieke groepen

In de begeleiding en behandeling van groepen jeugdigen die bijzonder kwetsbaar zijn, is het belangrijk om rekening te houden met hun specifieke kwetsbaarheden en behoeften. Gebruik hiervoor de handvatten voor advies en begeleiding uit Handvatten voor advies en begeleiding in de jeugdhulp en jeugdbescherming en de belangrijkste beïnvloedbare factoren die seksuele gezondheid bevorderen uit paragraaf Factoren die de seksuele gezondheid beïnvloeden als uitgangspunt. Vul aan met de specifieke aandachtspunten in deze paragraaf voor specifieke groepen.

Handvatten voor advies aan en begeleiding van jeugdigen met een LVB

Voor de seksuele ontwikkeling van jeugdigen met een LVB is het van belang dat deze jeugdigen aangesproken worden op een manier die aansluit op hun belevingswereld en ontwikkelingsniveau. Houd rekening met een disharmonisch profiel van functioneren (het cognitieve en emotionele ontwikkelingsniveau kan uiteenlopen op verschillende domeinen).

Dit heeft consequenties voor de begeleiding en behandeling. Met deze jeugdigen praat je over seksualiteit in concrete taal, zónder nuances, verhullend taalgebruik of beeldspraak, en mét met concrete voorbeelden. Zo zal een jongere met een licht verstandelijke beperking beeldspraak of verhullend taalgebruik (denk bijvoorbeeld aan ‘met elkaar naar bed gaan’) minder goed begrijpen of heel letterlijk opvatten. Je zult dus duidelijke taal moeten spreken. Geef handelingsalternatieven en veel herhaling.

Een interventie (inclusief werkboek voor de cliënt) die goed aansluit is Praten over seks van Paulien van Doorn (zie voor meer interventies hoofdstuk Interventies).

Ouders en opvoeders vinden het lastig om over seksualiteit en relaties te praten, waardoor het risico bestaat dat dit niet of nauwelijks gebeurt. Jeugdprofessionals kunnen een belangrijke

bijdrage leveren aan de kennis van jongeren met een licht verstandelijke beperking, door het gesprek aan te gaan en te helpen bij het opdoen van kennis over seksualiteit. De kennis die jongeren aangereikt krijgen moet vereenvoudigd zijn en goed aansluiten op hun behoeften en begripsniveau. Kortom:

  • gebruik korte zinnen van ongeveer vijf woorden;
  • gebruik concrete woorden, zonder kinderachtig te praten (bijvoorbeeld piemel, vagina);
  • definieer begrippen (bijvoorbeeld seks, vrijen, zoenen, knuffelen);
  • vraag naar de betekenis van begrippen en vul aan;
  • sluit aan bij het taalgebruik van de jeugdige door dezelfde woorden te gebruiken;
  • praat rustig;
  • stel een vraag tegelijkertijd;
  • geef de jeugdige tijd om te antwoorden;
  • gebruik geen figuurlijk taalgebruik, zoals spreekwoorden, woordspelingen en cynisme;
  • zorg dat non-verbale en verbale informatie overeenkomen;
  • ga na of de jeugdige je begrepen heeft, bijvoorbeeld door te vragen of de jeugdige in eigen woorden kan vertellen wat er gezegd is;
  • gebruik visuele ondersteuning, zoals foto’s, tekeningen of pictogrammen (www.sclera.be heeft pictogrammen over seksualiteit en relaties).

Handvatten voor advies aan en de begeleiding van jeugdigen met ASS

Het is belangrijk dat jeugdprofessionals aandacht hebben voor specifieke kenmerken van autisme (beperkingen in de sociale communicatie en interactie, sensorische onder- en overgevoeligheid, repetitief gedrag en rituele activiteiten, minder kennis over seksualiteit, minder mogelijkheid om te experimenteren met seksuele relaties, minder seksuele vorming, minder remmingen, gebrek aan empathie) en de manier waarop deze de (individuele) seksuele en relationele ontwikkeling, beleving en ervaring mede vormen. Kortom:

  • besteed extra aandacht aan seksuele weerbaarheid (wensen en grenzen) in relatie tot autistische kenmerken;
  • besteed proactief aandacht aan sociale en communicatieve vaardigheden, bijvoorbeeld in relatievorming en -behoud: zich verplaatsen in de ander, uitvragen wat de ander wil, inschatten van sociale situaties, omgaan met teleurstellingen en (seksuele) frustraties. Gebruik hiervoor de interventie/training Ik Puber (Yulius, www.ikpuber.nl);
  • besteed extra aandacht aan homo- en biseksualiteit in seksuele en relationele vorming en wees alert op genderdysforie en een negatieve omgeving;
  • bespreek stereotype interesses (zoals preoccupatie of parafilieën) in seksuele vorming en gesprekken over seksualiteit en relaties. Zoek samen met ouders en/of jeugdigen naar manieren om seksualiteit en relaties in het dagelijkse leven in te passen.

Hoe doe je dat? De kennis die autistische jongeren aangereikt krijgen moet rustig, overzichtelijk en consequent zijn. Kortom:

  • gebruik expliciete en concrete taal;
  • wees consequent in taalgebruik en regels;
  • leg nuanceringen uit/gebruik geen dubbelzinnige taal;
  • definieer begrippen;
  • vraag naar de betekenis en vul aan;
  • herhaal informatie;
  • praat kalm, rustig en duidelijk;
  • stel een vraag tegelijkertijd;
  • geef jeugdige de tijd om te antwoorden;
  • gebruik relevant en realistisch beeld materiaal (foto’s, tekeningen, pictogrammen);
  • gebruik relevante en duidelijke visuele ondersteuning (schema’s, diagrammen, checklists, rijtjes);
  • besteed aandacht aan de theoretische uitleg van sociale regels;
  • bied ruimte voor het (anoniem) stellen van persoonlijke vragen;
  • betrek ouders bij de behandeling/begeleiding.

Handvatten voor advies aan en de begeleiding van jeugdigen met gehechtheidsproblematiek

Voor jeugdprofessionals is het belangrijk om een goede balans te vinden: soms moet eerst ingezet worden op verbetering van de opvoedingshouding van ouders om een veilige gehechtheid te bewerkstelligen vóórdat er aandacht aan de seksuele ontwikkeling gegeven kan worden. Verwijs naar of gebruik uitgangspunten van de Basic Trust Methode (www.basictrust.com) of NIKA (www.dejeugdzorgacademie.nl) om de gehechtheid en het basisvertrouwen te verstevigen. Zet in op het verstevigen van een warm (gezins)klimaat, waarin de jeugdige zich gezien en gehoord voelt.

  • besteed expliciet aandacht aan veiligheid en seksuele risico’s: differentieer expliciet, leer jeugdigen wat veilig is en wat niet, wat risico’s zijn, wat ‘foute’ relaties zijn;
  • besteed expliciet aandacht aan het mentaliserend vermogen: leer de jeugdige zichzelf en de ander te begrijpen én de eigen binnenwereld af te stemmen op die van de ander.
    Randvoorwaarden hiervoor zijn: goede ondersteuning van de jeugdprofessional en goede samenwerking binnen het team;
  • let op: de jeugdige kan (onbewust) op zoek gaan naar de bevestiging van eerdere negatieve ervaringen; het opdoen van positieve ervaringen beïnvloedt de jeugdige positief;
  • reageer rustig en consequent (niet emotioneel) op seksueel gedrag van jeugdigen. Voor onveilig gehechte jeugdigen kan een emotionele reactie namelijk erg onveilig voelen, zeker als het gaat over relaties en seksualiteit. Gebruik het Vlaggensysteem om je reactie te bepalen;
  • wees voorspelbaar en betrouwbaar: zeg wat je doet en doe wat je zegt. Benoem bijvoorbeeld bij hele jonge kinderen stap voor stap wat je doet als je hen wast;
  • zorg dat de jeugdige met gehechtheidsproblematiek weet bij wie hij wanneer terecht kan met vragen (vertrouwenspersoon, spreekuur, website www.sense.info). Wees zelf ook – als jeugdprofessional – beschikbaar, ook als het moeilijk is;
  • bespreek zorgen omtrent de seksuele ontwikkeling van de jeugdige met de jeugdige en in overleg met collega’s en/of de ouders en leraren van de jeugdige;
  • reflecteer op je eigen gehechtheid. Onverwerkte hechtingsproblematiek kan van invloed zijn op wat je als professional uitstraalt naar de jeugdige.

Handvatten voor advies aan en begeleiding van jeugdigen met seksueel trauma

Voor jeugdprofessionals is het belangrijk om een goede risicoanalyse te maken, mede op basis van de voorgeschiedenis, om te analyseren of er sprake is (geweest) van seksueel misbruik, geweld en/of trauma, zoals beschreven in de Richtlijn Residentiële Jeugdhulp voor jeugdhulp en jeugdbescherming. Gebruik hiervoor het Instrument Risicotaxatie Seksueel Grensoverschrijdend gedrag als hulpmiddel. Werk indien nodig en waar mogelijk multidisciplinair samen om tot een goede risicoanalyse te komen.

  • Ga een gesprek over seksualiteit en seksuele ervaringen niet uit de weg.
  • Ondersteun jongeren bij het maken van seksueel gezonde, veilige, gelijkwaardige en prettige keuzen en het opdoen van positieve ervaringen Dit is een beschermende factor.
  • Zorg ervoor dat je (indien relevant) eigen ervaringen met seksueel misbruik of seksueel grensoverschrijdend gedrag hebt verwerkt.
  • Sluit aan bij de ervaring, leefwereld en behoeften van de jeugdige.
  • Zorg ervoor dat je seksueel misbruik of seksuele grensoverschrijding herkent en signaleert. Volg de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling indien noodzakelijk.
  • Een jeugdige die seksueel grensoverschrijdend gedrag, seksueel misbruik en/of seksueel geweld heeft meegemaakt, heeft recht op specialistische hulp en ondersteuning. Bied eerste opvang en roep desgewenst specialistische hulp in bij klachten en problemen als gevolg van seksueel grensoverschrijdend gedrag of negatieve seksuele ervaringen (zie hoofdstuk 5 voor behandeling). Zorg ervoor dat je de regionale Centra voor Seksueel Geweld kent – waarin samenwerking met politie, forensisch arts en specialistische hulp gegarandeerd zijn – en draag zorg voor passende (gespecialiseerde) hulp.
Randvoorwaarden vanuit de organisatie
Specifieke handvatten voor advies en begeleiding per leeftijdsgroep
Reageer!