Stemmingsproblemen voor jeugdhulp en jeugdbescherming

Suïcidaliteit

Risico instandhoudende en beschermende factoren

De belangrijkste risicofactor voor suïcide door jeugdigen is depressie. Bij depressie komen namelijk vaak suïcidale gedachten en handelingen voor. De aanwezigheid van andere psychische stoornissen (comorbiditeit) vormt sowieso een grote risicofactor. Stressoren, hopeloosheid, impulsiviteit en sociaal isolement spelen een belangrijke rol.

De Multidisciplinaire Richtlijn Diagnostiek en behandeling van suïcidaal gedrag plaatst deze risicofactoren in een model van stress, kwetsbaarheid en entrapment. Het stress-kwetsbaarheidsmodel gaat ervan uit dat suïcidaliteit voortkomt uit factoren die de individuele kwetsbaarheid vergroten of verminderen, in combinatie met stressoren die aanleiding geven tot het actuele gedrag. Het entrapment-model geeft het psychologische proces weer waarlangs kwetsbare individuen onder invloed van stressoren tot suïcidaal gedrag kunnen komen. Suïcidaliteit hangt vaak samen met psychische stoornissen en kan als volgt worden omschreven: “Bij iemand die kwetsbaar is voor het intens en heftig ervaren van gebeurtenissen in termen van ‘vernedering’, ‘verlies’ of ‘afwijzing’, kan verlies van zelfrespect en eigenwaarde optreden. Als dit wordt versterkt door een gebrek aan probleemoplossend vermogen, kan dit leiden tot een toestand van wanhoop en uitzichtloosheid. Er ontstaat een situatie van entrapment (‘in een val opgesloten zitten’). De persoon komt in een situatie waarin hij of zij zelf geen ontsnapping meer ziet en redding door anderen ook niet mogelijk acht, met suïcidaal gedrag tot gevolg.”

In de Multidisciplinaire Richtlijn Diagnostiek en behandeling van suïcidaal gedrag zijn de kwetsbaarheidsfactoren en stressoren bij jeugdigen in kaart gebracht met behulp van de richtlijn van de American Psychiatric Association en nieuw literatuuronderzoek. Deze factoren worden hieronder opgesomd.

Biologische factoren

  • Familiaire (erfelijke) belasting is voor zowel jongeren als voor volwassenen een sterke voorspeller van suïcidaal gedrag.

… Meer

Persoonskenmerken

  • Leeftijd. Jongeren suïcideren zich minder dan volwassenen, maar doen in verhouding wel meer pogingen. Onder de vijftien jaar is suïcide zeer zeldzaam, maar het komt wel voor. Een specifieke uitingsvorm van suïcidaliteit op jongere leeftijd is bijvoorbeeld roekeloosheid; een aantal verkeersdoden in deze leeftijdsgroep is waarschijnlijk toe te schrijven aan suïcidale gevoelens.

  • Homo- en biseksualiteit. De kans op suïcidegedachten en een suïcidepoging is bij bi- en homoseksuele jongeren groter dan bij heteroseksuele jongeren.

  • Geslacht. Het aantal suïcidepogingen met dodelijke afloop ligt bij jongens hoger dan bij meisjes. Daar staat tegenover dat het aantal pogingen bij meisjes vele malen hoger ligt.

     

    In aanvulling op de Multidisciplinaire Richtlijn Diagnostiek en behandeling van suïcidaal gedrag kan nog worden genoemd: geslacht in combinatie met culturele achtergrond. Meiden met een restrictieve culturele achtergrond die geen aansluiting vinden in de vrije Nederlandse samenleving, hebben vaker suïcidale neigingen dan autochtone jongeren.

… Meer

Psychologische factoren

  • Suïcidale jongeren hebben vaak een gering gevoel van eigenwaarde. Ze voelen zich dikwijls erg wanhopig en zijn vaak introvert. Hun sociaal-emotionele vaardigheden schieten vaak tekort, maar ook gebrek aan toekomstperspectief en gevoelens van hulpeloosheid vormen een risico.

  • Negatief en dwangmatig denken in combinatie met impulsiviteit, roekeloosheid en agressie kunnen een rol spelen bij het ontstaan van suïcidaal gedrag.

  • Wat ook aan suïcidaliteit kan bijdragen: een perfectionistische instelling, oftewel zelfkritisch en bezorgd zijn om de verwachtingen die anderen hebben.

  • Een gebrekkig probleemoplossend vermogen kan suïcidaal gedrag eveneens in de hand werken.

… Meer

Psychische aandoeningen

  • In buitenlands onderzoek komt naar voren dat bij ongeveer negentig procent van de jongeren die overlijden door suïcide, sprake was van psychische (co)morbiditeit. Suïcidaal gedrag komt vooral voor bij stemmingsstoornissen, angststoornissen, eetstoornissen, verslavingen en antisociaal gedrag. Psychotisch zijn (geweest) vormt een risico. Comorbiditeit speelt een versterkende rol.

… Meer

Ingrijpende gebeurtenissen en verlieservaringen

Het leven van jongeren die een suïcidepoging doen, kenmerkt zich veelal door een serie ingrijpende gebeurtenissen vanaf de kindertijd tot in de adolescentie. Het kent minder stabiele perioden dan het leven van jongeren die geen suïcidepoging doen, blijkt uit onderzoek. Dezelfde studie vond dat het jaar voorafgaand aan de suïcidepoging een vergaande instabiliteit laat zien, door bijvoorbeeld een verhuizing of doubleren. Andere ingrijpende gebeurtenissen die van invloed waren zijn seksueel misbruik, echtscheiding, psychische problemen bij de ouders, fysieke problemen bij een lid van het gezin, een veranderende leefsituatie, verwaarlozing, en conflicten binnen het gezin. In aanvulling hierop vonden Marttunen, Aro en Lonnqvist (1993) factoren als: een verbroken relatie, interpersoonlijke problemen, problemen met het gezag en/of de politie, moeilijkheden op school of op het werk, en werkeloosheid. Een acute stressvolle situatie is in tweederde van de gevallen de aanleiding voor de suïcidepoging.

    … Meer

    Maatschappelijke factoren en sociale omgeving

    • Sociaal-economische status (SES). Binnen lage sociaal-economische klassen komt suïcide vaker voor en is deze ook vaker succesvol. Armoede, opgroeien in een achterstandswijk, deprivatie en sociaal buiten de boot vallen zijn risicofacoren voor suïcide.

    • Gepest worden. Zowel digitaal als ‘live’ gepest worden vergroot het risico op suïcide).

    … Meer

    Beschermende factoren suïcide

    Het is aannemelijk dat verschillende factoren waarvan uit onderzoek naar volwassenen is gebleken dat deze tegen suïcidaliteit kunnen beschermen, ook voor jeugdigen van belang zijn. Het gaat om verbondenheid met de familie, een eventuele partner en het bredere sociale netwerk (vrienden, kennissen, klasgenoten, buren, collega’s enzovoort). Het gevoel verantwoordelijk te zijn voor familieleden beschermt tegen suïcidaal gedrag. Ook verbondenheid met een professional of mantelzorger beschermt tegen suïcidaal gedrag. Uit onderzoek bij suïcidepogers waarin gevraagd werd hoe een herhaalde poging kon worden voorkomen, bleek dat het hebben van persoonlijke relaties de belangrijkste reden om te leven is.

    Wanneer is direct ingrijpen vereist?
    Wat zijn signalen voor suïcidaliteit?
    Reageer!