Problematische gehechtheid

Deze richtlijn gaat over kinderen en jongeren die een problematische gehechtheidsrelatie hebben met hun (pleeg/adoptie) ouders. Onveilig gehechte jeugdigen ontlenen geen of onvoldoende emotionele veiligheid aan de relatie met hun ouder(s). Problematische gehechtheidsrelaties kunnen een negatieve invloed hebben op de kwaliteit van leven van het kind of de jongere, afhankelijk van de ernst van de gehechtheidsproblemen.

Prevalentie

Conclusies Prevalentie

Problematische gehechtheidsrelaties komen vaker voor bij jeugdigen die…

  • opgroeien in gezinnen waarin vermoedelijk sprake is van mishandeling, verwaarlozing of huiselijk geweld;

  • na hun eerste verjaardag zijn geadopteerd of opgroeien in een pleeggezin;

  • opgroeien in een leefgroep of tehuis;

  • opgroeien in een gezin waarvan één of beide ouders psychiatrische problemen heeft;

  • een ontwikkelingsstoornis, autistische stoornis of een verstandelijke beperking  hebben.

… Meer

Een reactieve hechtingsstoornis komt bij ongeveer 1 procent van de bevolking voor. Onder jeugdigen die te maken hebben met mishandeling en/of verwaarlozing lijkt dat percentage veel hoger te liggen: uit Amerikaans onderzoek is gebleken dat circa 38 procent van deze kinderen en jongeren de stoornis heeft.

Bekijk ook de gezamenlijke aanbevelingen van de richtlijn Problematische gehechtheid bij het hoofdstuk Oorzaken en Kenmerken.

Wil je hier op reageren of heb je vragen? Neem dan contact met ons op.

Hoeveel kinderen hebben problematische gehechtheidsrelaties?
Reageer!