Problematische gehechtheid

Definitie

Ontwikkeling van Gehechtheid

Onder normale omstandigheden ontwikkelen kinderen de eerste gehechtheidsrelaties met volwassenen als ze tussen de 6 en 12 maanden oud zijn. Meestal gaat het dan om de ouders, de grootouders en bijvoorbeeld de crècheleidster. Zo ontstaat een netwerk van gehechtheidsrelaties, al hebben kinderen vaak wel een voorkeur voor de ene persoon boven de andere. De neiging om zich te hechten kan niet worden uitgesteld als de opvoedingsomstandigheden slecht zijn. Kinderen die verwaarloosd of mishandeld worden hechten zich ook aan hun ouders, maar hebben in de regel een onveilige, kwalitatief minder goede gehechtheidsrelatie met hen.

Onder normale omstandigheden ontwikkelen kinderen de eerste gehechtheidsrelaties met volwassenen als ze tussen de 6 en 12 maanden oud zijn.

Wijnroks, Janssen, Epskamp, Kloosterman, Mispelblom Beyer, Post, en Storsbergen (2006)

Een veilige gehechtheidsrelatie legt een belangrijk fundament voor de ontwikkeling van een kind. Door gehecht te raken aan één of meer volwassenen bouwt een kind een mentaal beeld op van mensen in het algemeen. Dat kan een beeld zijn van beschikbaarheid en hulpvaardigheid (als het kind veilig is gehecht) of van ontoegankelijkheid en afwijzing (bij onveilige gehechtheid). In de gehechtheidstheorie wordt dit het interne werkmodel van gehechtheid genoemd. In het interne werkmodel van gehechtheid liggen verwachtingen over anderen en over het kind zelf opgeslagen. Dit werkmodel is ‘veranderbaar’: positieve ervaringen met de ouders kunnen een onveilig werkmodel doen veranderen in een veilig model.

De ontwikkeling van een gehechtheidsrelatie in het 1e jaar  is een noodzakelijke stap in de persoonlijkheidsontwikkeling van het jonge kind. Wanneer een kind gehecht is aan een volwassene, leert het gaandeweg een onderscheid te maken tussen zichzelf en anderen. Zo ontwikkelt het kind een vermogen tot mentaliseren. Mentaliseren is het reflecteren op je eigen en andermans gedrag en gevoelens. Kinderen die een veilige gehechtheidsrelatie hebben met hun ouders kunnen dat veel beter dan kinderen die onveilig aan hun ouders gehecht zijn. Vooral kinderen met ernstige gehechtheidsproblemen blijken heel gebrekkig te mentaliseren. Deze kinderen zijn daardoor veel gevoeliger voor het ontwikkelen van psychopathologie later in het leven.

De ontwikkeling van een gehechtheidsrelatie in het 1e jaar is een noodzakelijke stap in de persoonlijkheidsontwikkeling van het jonge kind.

Bateman en Fonagy (2012); Rexwinkel, Schmeets, en Pannevis (2011)

Voor het ontstaan van een veilige gehechtheidsrelatie kunnen we drie basale ‘voorwaarden’ benoemen: sensitief reageren op het kind, continuïteit in de aanwezigheid van de gehechtheidspersoon, en het mentaliseren door de ouder. We bespreken deze voorwaarden hieronder in kort bestek.

  • Ten eerste, het is belangrijk dat de ouder sensitief en voorspelbaar reageert op signalen van het jonge kind. Dat wil zeggen: de ouder staat open voor de signalen van het kind, begrijpt die signalen goed en kan daarop snel en adequaat reageren. Zo leert het kind dat zijn ouder beschikbaar is als veilige uitvalsbasis én als veilige haven. Ouders bieden een veilige uitvalsbasis doordat ze het zelfvertrouwen van hun kind stimuleren met complimentjes, door samen plezier te maken, maar ook door structuur te bieden en grenzen te stellen, afgestemd op de leeftijd van het kind. De ouder is een veilige haven wanneer hij het kind troost bij verdriet, geruststelt bij angst of helpt bij woede of andere emoties. Sensitief en voorspelbaar reageren is iets wat de meeste volwassenen intuïtief doen, maar dit gedrag kan ook getraind worden. Dat gebeurt met behulp van een interventieprogramma waarbij ouders bijvoorbeeld feedback krijgen op hun eigen gedrag ( zie verder het hoofdstuk Preventie en interventies).

    Om sensitief en voorspelbaar te kunnen reageren, moet de ouder betrokken zijn bij het kind. Anders ziet hij de signalen van het kind niet. Ook moet de ouder het kind goed kennen en observeren om de signalen van het kind correct te kunnen interpreteren. Sensitief reageren wil overigens niet zeggen dat het kind altijd zijn zin moet krijgen of dat de zaken altijd gaan zoals het kind dat wil (zie Werkkaart 2 Hoe bouw je een veilige gehechtheidsrelatie op met een jeugdige?, voor een uitgebreide beschrijving). Vaak zal het nodig zijn om een compromis te zoeken, of moet de ouder tegen de wensen of verlangens van het kind ingaan. Maar ook dat kan op een sensitieve en invoelende manier. Als je uitlegt waarom je iets doet, en laat zien dat je de gevoelens van het kind serieus neemt, is dat ook sensitief reageren.

     

  • Een tweede voorwaarde om een veilige gehechtheidsrelatie te kunnen opbouwen is continuïteit in de aanwezigheid van de gehechtheidspersoon. Het aantal volwassenen dat voor het kind zorgt, is liefst niet te groot en wisselt niet te vaak. Geschat wordt dat het maximum aantal volwassenen aan wie kinderen zich kunnen hechten ongeveer zes is.

     

  • In de derde plaats blijkt uit recent onderzoek dat mentaliseren door de ouder van groot belang is voor het ontstaan van een veilige gehechtheidsrelatie. Mentaliseren houdt in dat de ouder gevoelens en gedachten van de baby ziet en (h)erkent, en daar in zijn gedrag rekening mee houdt. De ouder benoemt wat de baby doet, denkt of voelt. Wanneer de baby bijvoorbeeld huilt, verwoordt de ouder de ouder de gevoelens van de baby, bijvoorbeeld: ’Je voelt je niet fijn, je bent erg moe’. Een ouder die mentaliseert verplaatst zich duidelijk in het perspectief van de baby, en verwoordt dat ook. Zo helpt de ouder het kind een veilige gehechtheidsrelatie te ontwikkelen. In het hoofdstuk Oorzaken en Kenmerken gaan we uitgebreider in op de vraag welke factoren van belang zijn in de ontwikkeling van een gehechtsheidsrelatie.

… Meer

Wil je hier op reageren of heb je vragen? Neem dan contact met ons op.

Problematische gehechtheid: een definitie
Gehechtheid in de praktijk
Reageer!