Richtlijn Traumagerelateerde problemen

1. Inleiding

Inleiding

Deze richtlijn gaat over traumagerelateerde problemen bij jeugdigen. Een tijdige herkenning is belangrijk omdat er goede manieren zijn om traumagerelateerde problemen te behandelen. Daarmee kan worden voorkomen dat de problemen lang aanhouden en de gezonde ontwikkeling bedreigen, maar ook dat er gevolgen op latere leeftijd optreden en dat een jeugdige door traumagerelateerde problemen verhoogd vatbaar blijft voor nieuwe traumatisering.

Doel van de richtlijn

De Richtlijn Traumagerelateerde problemen voor jeugdhulp en jeugdbescherming doet aanbevelingen voor jeugdprofessionals wat betreft het signaleren van traumagerelateerde klachten, het toeleiden naar passende zorg en de inzet van effectieve interventies. De aanbevelingen zijn gebaseerd op de laatste wetenschappelijke inzichten, actuele praktijkkennis van professionals en ervaringskennis van cliënten. De aanbevelingen geven richting aan de professionele afwegingen die professionals in de jeugdhulp of de jeugdbescherming maken. Daarbij gaat het zowel om hbo-opgeleide professionals als gedragswetenschappers (psychologen, orthopedagogen).

Ingrijpende gebeurtenissen komen veel voor onder jeugdigen; in Nederland maakt 14 tot 50 procent van de jeugdigen één of meerdere ingrijpende gebeurtenissen mee. Het merendeel herstelt hier goed van, maar bij een aanzienlijk aantal (16 procent) komt de verwerking onvoldoende tot stand, wat tot psychische problemen kan leiden.

Het is belangrijk om traumagerelateerde problemen bij jeugdigen zo vroeg mogelijk te signaleren. Er zijn effectieve behandelmethoden beschikbaar voor de problemen. Wanneer traumagerelateerde problemen onbehandeld blijven, kan dit gevolgen hebben voor de ontwikkeling van de jeugdige en voor zijn of haar psychische en lichamelijke gezondheid op volwassen leeftijd. Ook vergroot dit de kans dat een volgende ingrijpende gebeurtenis een traumagerelateerd probleem wordt.

Het doel van deze richtlijn is om jeugdprofessionals te informeren hoe traumagerelateerde problemen te signaleren en op te pakken. Belangrijk is dat de ouders en de omgeving van de jeugdige bij de aanpak van de problemen betrokken worden. Bovendien is van belang dat de jeugdprofessional weet wat hij zelf kan doen, en wanneer en hoe hij een andere professional kan of moet inschakelen. Hierover is al veel kennis beschikbaar.

Deze richtlijn richt zich op het signaleren van traumagerelateerde problemen bij jeugdigen en het zo nodig inzetten van passende zorg. De richtlijn gaat niet in op de inhoud van behandelingen van traumagerelateerde problemen na de verwijzing. Daarvoor zijn andere richtlijnen beschikbaar, bijvoorbeeld de Multidisciplinaire richtlijn Angststoornissen.

Specifiek voor deze richtlijn geldt dat er situaties kunnen voorkomen waarbij de ouders de ingrijpende gebeurtenissen bij de jeugdige veroorzaken. De Richtlijn Kindermishandeling voor jeugdhulp en jeugdbescherming beschrijft overwegingen, praktische adviezen en gesprekstechnieken om hierover met ouders in gesprek te gaan. Specifiek gaat het om paragraaf ‘Stap 3: Praat met ouder(s) en jeugdigen’ uit het hoofdstuk ‘Als je je zorgen maakt’.

Een goede samenwerkingsrelatie tussen cliënt en jeugdprofessional is belangrijk. Daarvoor moet het ‘klikken’ tussen beide partijen. Ga hierover het gesprek aan met jeugdige en ouders. Benadruk dat zowel jeugdige als ouders het aan mogen geven als zij zich in het contact met de jeugdprofessional niet prettig voelen. Zie ook de Richtlijn Samen met ouders en jeugdige beslissen over passende hulp voor jeugdhulp en jeugdbescherming.

Meer verdiepende informatie over het doel van deze richtlijn? Bekijk de onderbouwing >

Doelgroep

De richtlijn (inclusief onderbouwing en werkkaarten) is primair bedoeld voor jeugdprofessionals. Onder ‘jeugdprofessionals’ worden zowel gedragswetenschappers (psychologen, orthopedagogen of anderen met een gedragswetenschappelijke opleiding) als hbo-opgeleide professionals verstaan.

De richtlijn richt zich in de eerste plaats op beroepsgeregistreerde jeugdprofessionals. Zij staan geregistreerd in het Kwaliteitsregister Jeugd (SKJ) als ‘jeugd- en gezinsprofessional’, ‘jeugdzorgwerker’, ‘pedagoog’ of ‘psycholoog’ en/of zijn BIG-geregistreerd (bijvoorbeeld als GZ-psycholoog). Verder kunnen ook andere professionals die met jeugdigen en hun ouders werken gebruik maken van de aanbevelingen uit de richtlijn. Met sommige aanbevelingen kunnen alle jeugdprofessionals hun voordeel doen, andere aanbevelingen zijn vooral van toepassing op een geregistreerd beroep. Waar dit onderscheid van belang is, wordt bijvoorbeeld specifiek over ‘gedragswetenschappers’ (psychologen en pedagogen) dan wel over ‘jeugd- en gezinsprofessionals’ gesproken. Waar in de richtlijn gesproken wordt over ‘daartoe gekwalificeerde jeugdprofessionals’ wordt gerefereerd aan het benodigde niveau van bekwaamheid en specifieke deskundigheden in relatie tot de taak. Zie voor meer informatie www.professionaliseringjeugdhulp.nl. Daarnaast is voor ouders een informatiefolder samengesteld met informatie vanuit de richtlijn.

Uitgangsvragen per knelpunt

In 2017 is in opdracht van het Programma Richtlijnen jeugdhulp en jeugdbescherming een knelpuntenanalyse uitgevoerd door de Argumentenfabriek. De knelpuntenanalyse is het resultaat van twee denksessies met jeugdprofessionals, cliënten en wetenschappers. De knelpuntenanalyse deed het Programma Richtlijnen jeugdhulp en jeugdbescherming beseffen dat het opstellen van een richtlijn over traumagerelateerde problemen zinvol was. De vraag was alleen nog wel hoe deze richtlijn afgebakend moest worden.

Uitgangsvraag voor de analyse was: wat zijn binnen de jeugdhulp en jeugdbescherming knelpunten rond traumagerelateerde problemen en welke vragen moet een richtlijn beantwoorden? Het resultaat van deze analyse toont aan dat er knelpunten zijn op het gebied van signalering, interventies en samenwerking. Binnen de huidige richtlijn is de keuze gemaakt om de vragen op het gebied van signalering te beantwoorden.

Knelpunten en uitgangsvragen bij de signalering van traumagerelateerde problemen:

  1. Jeugdprofessionals weten niet hoe ze normale reacties van jeugdigen, passend bij hun leeftijd, op ingrijpende gebeurtenissen kunnen onderscheiden van afwijkende reacties.

Hoe zien per (ontwikkelings-)leeftijd normale én afwijkende reacties op ingrijpende gebeurtenissen eruit? Hoe kunnen jeugdprofessionals jeugdigen en ouders ondersteunen bij een normale reactie van jeugdigen op ingrijpende gebeurtenissen? Hoe kunnen jeugdprofessionals jeugdigen en ouders ondersteunen bij een afwijkende reactie van jeugdigen op ingrijpende gebeurtenissen? Wanneer moeten jeugdprofessionals gespecialiseerde zorg inschakelen gezien de reactie van jeugdigen op ingrijpende gebeurtenissen?

  1. Jeugdprofessionals gebruiken signaleringsinstrumenten onvoldoende structureel om traumagerelateerde problemen op te sporen bij alle jeugdigen die ze tegenkomen.

Welke kwalitatief goede signaleringsinstrumenten zijn er voor traumagerelateerde problemen bij jeugdigen? Wanneer moeten jeugdprofessionals welk signaleringsinstrument inzetten?

Wanneer moeten jeugdprofessionals doorverwijzen voor diagnose en/of behandeling gezien de uitkomst van ingezette instrumenten? Hoe kunnen jeugdprofessionals de uitkomsten van signaleringsinstrumenten vastleggen en communiceren naar jeugdigen, ouders en andere jeugdprofessionals?

  1. Traumasignalen uit de omgeving van jeugdigen, zoals school, bereiken jeugdprofessionals te weinig.

Hoe kunnen jeugdprofessionals de omgeving van jeugdigen betrekken en effectief bevragen bij het signaleren van traumagerelateerde problemen? Hoe kunnen jeugdprofessionals signalen van traumagerelateerde problemen vastleggen en communiceren naar de ouders, de verdere omgeving van jeugdigen en andere jeugdprofessionals?

Leeswijzer

De Richtlijn Traumagerelateerde problemen voor jeugdhulp en jeugdbescherming is bedoeld voor jeugdprofessionals die met het onderwerp van deze richtlijn te maken hebben. Op sommige plekken wordt bovendien geadviseerd om ook de onderbouwing te raadplegen. Deze geeft een uitgewerkte toelichting op specifieke onderwerpen in de richtlijn, ter verdieping en verantwoording.

In de onderbouwing vind je ook een algemene verantwoording van de werkwijze bij de ontwikkeling en herziening van de richtlijnen jeugdhulp en jeugdbescherming te vinden.

Bekijk de onderbouwing >

Onderbouwing
Reageer!