Stemmingsproblemen voor jeugdhulp en jeugdbescherming

Signaleren en vaststellen van stemmingsproblemen

Aanbevelingen

  • Houd bij het signaleren en vaststellen van stemmingsproblemen rekening met de fase van ontwikkeling waarin de jeugdige zich bevindt. Zet de symptomen van de jeugdige af tegen wat als normaal gedrag wordt gezien op die leeftijd en houd rekening met het karakter van de jeugdige.

  • Screen jeugdigen in hoogrisicogroepen, bij aanwezigheid van een groot aantal risicofactoren of bij het vermoeden op stemmingsproblemen, altijd op stemmingsproblemen. Doe dit met een van de aanbevolen gestandaardiseerde instrumenten.

  • Leg uit aan de jeugdige en de ouders dat er met vragenlijsten wordt gewerkt om te kijken wat goed gaat en waarover zorgen zijn en bespreek vervolgens de uitkomsten.

  • Maak bij het opsporen van stemmingsproblemen bij jeugdigen tot achttien jaar gebruik van de CBCL (anderhalf tot achttien jaar) of de SDQ (drie tot zestien jaar). Bij elf- tot achttienjarigen kan als zelfrapportagelijst bovendien de YSR worden gebruikt.

  • Bevraag jeugdigen zelf (ook jonge kinderen) bij het screenen op stemmingsproblemen. Bevraag ook hun ouders. Hiervoor kunnen de CBCL en de YSR gebruikt worden.

  • School jezelf in het gebruik van gestandaardiseerde vragenlijsten. Neem bij screening op depressie ook altijd een of meer items over suïcide mee. De CBCL/YSR/TRF, S-PSY en CDI geven deze mogelijkheid. Bij een positieve beantwoording van het item suïcidaliteit moet de Multidisciplinaire Richtlijn Diagnostiek en behandeling van suïcidaal gedrag geraadpleegd worden.

  • Zorg dat je over gesprekstechnieken beschikt waarmee je goed door kunt vragen bij kinderen en jongeren. Vraag desgewenst om training op dit gebied. Verwijs bij ernstige stemmingsstoornissen (volgens de uitkomsten van gestandaardiseerde vragenlijst als CBCL/YSR/TRF etc.) door naar een daartoe gekwalificeerde jeugdprofessional.

  • Wees erop bedacht dat stemmingsproblemen kunnen verergeren of kunnen schommelen. Evalueer de ernst van de problematiek en het resultaat van de interventies steeds weer opnieuw om verergering van de problematiek tijdig vast te kunnen stellen.

  • Raadpleeg bij ernstige stemmingsproblemen en bij stemmingsstoornissen de huisarts of gespecialiseerde hulp over een verwijzing en/of samenwerking. Hoe ernstiger de problematiek, hoe sneller er gehandeld moet worden.

  • Betrek de huisarts of jeugd-ggz zodra je signalen krijgt dat er mogelijk sprake is van bipolaire problematiek (de jeugdige heeft bijvoorbeeld hypomane fasen).

    • Verwijs bij comorbiditeit direct door naar de huisarts of de jeugd-ggz.
    • Schakel de huisarts of de gespecialiseerde zorg in wanneer je inschat dat de inzet binnen andere vormen van jeugdhulp te weinig resultaat geeft.
    • Vraag bij twijfel om collegiaal advies van de gespecialiseerde zorg.
    • Zorg dat er een sociale kaart beschikbaar is die inzicht geeft in de samenwerkingspartners binnen de jeugdhulp (inclusief jeugd-ggz), de (huis)artsenzorg et cetera. Deze kaart moet namen en telefoonnummers bevatten zodat snel gehandeld kan worden indien noodzakelijk.

     

     

… Meer

Wanneer jeugd-ggz?
Reageer!