Scheiding en problemen van jeugdigen

Samenwerking met ouders en met het netwerk

Omgaan met ouders

Als ouders uit elkaar gaan, krijgen jeugdprofessionals te maken met een dubbele doelgroep: zowel met de jeugdigen als met de scheidende/gescheiden ouders. Ouders voelen zich vaak niet erkend en gehoord in het hulpverleningsproces, terwijl ze in scheidingsgevallen een belangrijk onderdeel van de problemen van de jeugdige vormen. Zeker als sprake is van een vechtscheiding.
In de benaderingswijze van en communicatie met ouders is het belangrijk om als jeugdprofessional het ouderperspectief en oudergericht kijken mee te nemen bij het aanpakken van de problemen van scheidingskinderen. De hulpverlener moet in staat zijn te denken aan de jeugdige, aan zijn moeder én zijn vader, en aan hun loyaliteiten. Er wordt meerzijdige betrokkenheid verlangd: de jeugdprofessional moet afwisselend de verschillende partijen erkennen en zich kunnen inleven in ieders positie en inspanningen om zo de communicatie tussen de partijen in gang te zetten. Ook kan de hulpverlener ouders stimuleren om meer vanuit een ‘wij-positie’ te kijken naar hun kind: ‘Wat willen wij voor ons kind?’ en niet: ‘Wat vind ik dat er moet gebeuren?’
De hulpverlener doet er goed aan bij beide ouders rekening te houden met hun eigen geschiedenis en context. En hij moet stil staan bij de beleving van de ouders, hun positie en gevoelens erkennen, om zo met hen in contact te blijven. Van hieruit kunnen de ouders in beweging komen en zich gaan richten op de belangen van hun kind. Het gaat er ook om dat de ouders de jeugdprofessional zien als onpartijdig. De jeugdprofessional moet zichzelf steeds de vraag stellen: is er een kans dat iemand dit kan uitleggen als het bevoordelen van de andere partij? Hij dient alert te zijn op mogelijke aanwijzingen dat de ouders partijdigheid ervaren. Signalen kunnen bijvoorbeeld zijn dat ze zijn geloofwaardigheid ter discussie stellen, vaak in discussie gaan over voorstellen of zich uit het proces terugtrekken. In de praktijk betekent meerzijdige betrokkenheid het handhaven van een zekere balans in de contacten met de ouders: ‘hen gelijkelijk de kans geven te spreken en gelijkelijk aandacht geven’ (uit de training ‘Ouderschap Blijft)’.

Ook dient in bijna alle (problematische) scheidingsgevallen de communicatie tussen de ouders te worden hersteld of verbeterd. Het is daarvoor noodzakelijk dat de jeugdprofessional probeert de belangen van de ouders helder te krijgen. Er is namelijk een duidelijk verschil tussen oplossingen (posities) en bezorgdheden (belangen).

Een positie is een concreet standpunt (eis, bedreiging, voorstel, voorgestelde oplossing, beoogde uitkomsten, ingenomen stelling), dus een manier om je belangen te realiseren en niet de belangen zelf. Denk aan: ‘je bent ons…verschuldigd; als je niet bereid bent om te betalen, stappen we naar de rechter’. Door zo’n positie in te nemen springen ouders als het ware rechtstreeks van het probleem naar de oplossing. Het is belangrijk dat ouders niet stil blijven staan bij zulke naar voren gebrachte posities. De hulpverlener doet er goed aan om door te vragen naar de onderliggende belangen. Hij kan bijvoorbeeld de volgende vragen stellen:

  • Wat is belangrijk voor u? Wat is uw grootste zorg?

  • Wat zou u hier graag willen bereiken?

  • Wat u zegt zo graag te willen, kan dat alleen maar op deze éne manier (=positie)? Of kunnen er ook nog andere manieren zijn om dat te realiseren (=onderliggend belang)?

… Meer

De hulpverlener moet er dus voor zorgen dat de ouders in gesprek met elkaar raken, en wel zodanig dat zij bereid zijn om zelf op zoek te gaan naar nieuwe, creatieve oplossingen.

Welke technieken kan de hulpverlener inzetten om met de ouders tot oplossingen te komen?

  • Ervoor zorgen dat beide ouders hun eigen verhaal kunnen vertellen. Houd er rekening mee dat ouders in het gesprek wellicht het verhaal van de ander bestrijden, bagatelliseren etc. en jou als bemiddelaar als partij willen krijgen. Blijf zelf uit deze strijd en voorkom dat ouders die strijd in jouw bijzijn voeren.

  • Reflecteren: laat merken dat je hebt gehoord wat iemand heeft gezegd, en geef ook terug wat de betekenis hiervan is voor hem of haar. Neem scherp waar wat ouders met elkaar doen: maak onderscheid tussen wat ze elkaar lijken te zeggen en wat ze daadwerkelijk zeggen.

  • Wat ouders in een gesprek benoemen gemeenschappelijk maken.

  • Normaliseren.

  • Ouders aan het werk zetten: vraag en stimuleer hen om elkaar te zeggen wat ze gehoord hebben en welke emoties ze bij de ander hebben opgemerkt.

  • Herformuleren/heretiketteren: zet bijvoorbeeld verwijten om in wensen als het gaat om wat de ouders willen bereiken.

… Meer

Hoe kan de jeugdprofessional de ouders richting de oplossing begeleiden?

  • Werk naar de toekomst toe (het gaat om morgen, niet om gisteren);

  • Benoem herhaaldelijk wat het doel van het gesprek is.

  • Maak het probleem gezamenlijk.

  • Benadruk dat ze praten over wat ze wel willen in plaats over wat ze niet willen.

  • Rond het gesprek duidelijk af: welke afspraken kunnen worden gemaakt?

… Meer

Jeugdprofessionals dienen dus een belangrijk deel van hun aandacht op de ouders te richten. Maar ook op de jeugdige, want die krijgt na de scheiding te maken met twee huishoudens. De meeste kinderen wonen vooral bij hun moeder; een minderheid woont bij hun vader. Steeds meer kinderen wonen afwisselend bij moeder en vader (co-ouderschap). Er verschijnen vaak nieuwe partners op het toneel: stiefvaders en stiefmoeders. Er ontstaan dus nieuwe ouderrollen waar de hulpverlener in het hulpverleningsproces rekening mee dient te houden. Hulpverleners kunnen ouders wijzen op de volgende aandachtspunten als zij op weg zijn naar een stiefgezin:

  • Laat ouders niet te snel met een nieuwe partner komen aanzetten.

  • Ouders moeten zich realiseren dat de kinderen mogelijk andere ideeën hebben over hun nieuwe liefde.

  • Kinderen willen dat hun ouders zich als ouders gedragen. Afspraakjes maken past daar niet bij.

  • Het helpt als ouders goed in de gaten houden hoe de kinderen zich voelen.

… Meer

Noodzakelijke kennis van de beroepskracht
Inleiding
Reageer!