Samen met ouders en jeugdige beslissen over passende hulp

Het beslisproces

Samen met ouders en jeugdige beslissen

Het Internationaal Verdrag voor de Rechten van het Kind (IVRK) stelt dat minderjarigen, ongeacht hun leeftijd, recht hebben om hun mening te geven. Bij beslissingen die in het leven van jeugdigen genomen worden, dus ook over passende hulp, moet een passend gewicht aan hun mening gehecht worden (artikel 12 IVRK).

Zowel literatuur over jeugdhulp en jeugdbescherming als medische literatuur laat zien dat participatie van ouders en jeugdigen in de besluitvorming en het behandelproces effect heeft op de uitkomsten van de behandeling of zorg. In de medische wereld is shared decision making ontwikkeld als methode om samen met patiënten beslissingen over zorg te nemen.

Daarom is het uitgangspunt van deze richtlijn dat jeugdprofessionals samen met ouders én jeugdige beslissen over de inzet van professionele hulp. Voor een duurzaam resultaat is nodig dat alle partijen een gedeelde visie krijgen op de vragen en/of problemen, dat de doelen en wensen van ouders en jeugdigen in het hulpverleningsproces voorop staan en dat de partijen gezamenlijk werken aan het verbeteren dan wel draaglijk maken van de situatie. De richtlijn geeft hiervoor handvatten. Daarbij is enerzijds aandacht voor de processtappen en inhoudelijke afwegingen (kennis en expertise van de professional) en anderzijds voor de houding en gespreksvaardigheden van de professional om beslissingen gezamenlijk te nemen.

De dialoog vereist van professionals enerzijds dat zij hun handelen, overwegingen en beslissingen helder kunnen uitleggen en onderbouwen vanuit hun professionele expertise, en anderzijds dat zij ouders en jeugdigen expliciet vragen naar hun mening, gedachten en ideeën. Dit resulteert erin dat genomen besluiten een combinatie van professionele expertise en ervaringsdeskundigheid van ouders en jeugdigen zijn. In een kenniskring met jeugdprofessionals is verkend wat beslissen in dialoog van professionals, maar ook van ouders en jeugdigen vraagt. De stappen in het proces zijn gebaseerd op de stappen van shared decision making en zijn onderstaand weergegeven.

Stap in gezamenlijke besluitvorming: welkom

Aandachtspunten en gesprekstechnieken voor de professional

  • De professional heet de ouder en jeugdige welkom en zorgt dat het ijs gebroken wordt, bijvoorbeeld door een compliment te geven.
  • De professional legt de ouder en jeugdige uit dat hij op basis van gelijkwaardigheid wil werken.
  • De professional legt uit wat de bedoeling van het gesprek is en hij vraagt ouders en jeugdige of ze zich daarin kunnen vinden.
  • De professional stelt samen met de ouder en jeugdige de agenda voor het gesprek vast.

Wat kunnen ouders en jeugdige zelf doen in het beslisproces?

  • Ouders en jeugdige geven hun visie op het doel van het gesprek, zijn bereid op basis van gelijkwaardigheid met de professional te werken en zijn actief bij het bepalen van de gespreksagenda.

Stap 1 in gezamenlijke besluitvorming: Vraagverheldering. De professional vraagt welke vragen of problemen ouders en jeugdige ervaren. 

Aandachtspunten en gesprekstechnieken voor de professional

  • De professional legt aan ouders en jeugdige het proces uit dat zij samen zullen doorlopen om een beslissing over de best passende hulp te nemen. Hij geeft ouders en jeugdige de gelegenheid hier vragen over te stellen en/of op basis van hun ideeën dit proces aan te passen.
  • De professional legt uit waarom hij bepaalde vragen stelt, zodat ouders en jeugdige de relevantie van bepaalde gegevens beter begrijpen en daardoor ook een betere bijdrage aan het gesprek kunnen leveren.
  • De professional vraagt ouders en jeugdige welke problemen zij ervaren. Om een indruk te krijgen van de last die zij van deze problemen hebben kan de professional een schaalvraag stellen. Ouders en jeugdige geven op een schaal van 1 tot 10 aan hoeveel last zij ervan hebben. Dit biedt ook een mogelijkheid om door te vragen hoe de situatie eruit zou zien als de schaal 1 punt hoger zou aanwijzen, wat ouders en jeugdige dan anders zouden doen. Zo kunnen ouders en jeugdige haalbare doelen stellen en nagaan hoe zij steeds meer grip op de situatie kunnen krijgen.
  • De professional heeft oog voor wat er goed gaat in het gezin en benoemt dit voor ouders en jeugdige. Door te vragen naar uitzonderingen op de problemen kunnen de professional, ouders en jeugdige inzicht krijgen in wat er goed gaat. Uitzonderingen zijn situaties waarin het probleem zich niet voordoet terwijl dat wel verwacht wordt. Een vraag die de professional kan stellen, is: ‘Wanneer zijn er momenten waarop het probleem er niet of minder is, en wat doet u op die momenten anders dan anders?’ De professional vraagt hierop tot in detail door, kan hierin het aandeel van de ouder en jeugdige (zijn vaardigheden, doorzettingsvermogen etc.) benadrukken en ouder en jeugdige complimenteren. Ouders en jeugdigen zien deze situaties vaak over het hoofd of menen dat ze niet ter zake doen.

Wat kunnen ouders en jeugdige zelf doen in het beslisproces?

  • Ouders en jeugdige blijven zelf verantwoordelijk voor hun eigen leven en – in het geval van ouders – voor de opvoeding en ontwikkeling van hun kind. Ouders en jeugdige gaan na hoe zij hun leven willen vormgeven en vragen ondersteuning wanneer zij vragen of problemen hebben.
  • Ouders en jeugdige kunnen uitleggen waar ze moeite mee hebben, welke problemen zij ervaren.
  • Door de vragen van de professional krijgen ouders en jeugdige meer zicht op hun vraag of probleem en ook op wat er goed gaat in het gezin.

Stap 2a in gezamenlijke besluitvorming: Probleem- en krachtenanalyseEventueel brengt de professional samen met ouders en jeugdige met behulp van observatie of vragenlijsten de problemen verder in kaart.

Aandachtspunten en gesprekstechnieken voor de professional

  • De professional bekijkt met welke middelen de situatie het beste verder verkend kan worden.

Wat kunnen ouders en jeugdige zelf doen in het beslisproces?

  • Ouders en jeugdige geven hun kijk op de situatie weer.

Stap 2b in gezamenlijke besluitvorming: Probleem- en krachtenanalyseDe professional bespreekt met ouders en jeugdige de problemen (bijvoorbeeld over wat het is, hoe het ontstaat, wat het in stand houdt, wat de mogelijke gevolgen ervan zijn en wat het betekent ten aanzien van verwachtingen naar de toekomst).

Aandachtspunten en gesprekstechnieken voor de professional

  • De professional gebruikt geen vaktermen of legt ze in eenvoudige woorden aan ouders en jeugdige uit.
  • De professional bespreekt met ouders en jeugdige de zorgen en problemen ten aanzien van de opvoeding en ontwikkeling (zorgsignalen).

Wat kunnen ouders en jeugdige zelf doen in het beslisproces?

  • Ouders en jeugdige kunnen om verduidelijking vragen wanneer zij de professional niet goed begrijpen.

Stap 2c in gezamenlijke besluitvorming: Probleem- en krachtenanalyse. De professional gaat na of ouders en jeugdige de informatie begrijpen en welke vragen zij hebben. De professional gaat na of voor hen de informatie herkenbaar is en of ze de betekenis delen.

Aandachtspunten en gesprekstechnieken voor de professional

  • De professional vraagt ouders en jeugdige of zij zich kunnen vinden in het beeld dat hij van de problemen schetst.
  • De professional nodigt ouders en jeugdige uit om actief met hem in dialoog te gaan om te komen tot een gedeeld verhaal.

Wat kunnen ouders en jeugdige zelf doen in het beslisproces?

  • Ouders en jeugdige kunnen aanvullende informatie geven dat het beeld van de professional over wat er aan de hand is aanscherpt.
  • Ouders en jeugdige dragen actief bij aan de oplossing van hun probleem door zaken in te brengen die voor hen van belang zijn.

Stap 3 in gezamenlijke besluitvorming: Doelen opstellen. De professional vraagt ouders en jeugdige wat zij willen bereiken of veranderen.

Aandachtspunten en gesprekstechnieken voor de professional

  • De professional helpt ouders en jeugdige om een of meerdere doelen te stellen. De wondervraag kan hierbij een hulpmiddel zijn. De wondervraag luidt: ‘Stel dat er vannacht, terwijl u slaapt, een wonder gebeurt. Het wonder is dat de problemen, waarvoor u hier zit, zijn opgelost. U weet het zelf niet, want u slaapt immers. Wat zou morgenochtend het eerste zijn waaraan u merkt dat het wonder gebeurd is?’ Deze vraag helpt ouders en jeugdige om te bedenken wat er in de plaats van het probleem moet komen.

Wat kunnen ouders en jeugdige zelf doen in het beslisproces?

  • Ouders en jeugdige kunnen de vragen over wat ze willen leren of bereiken en de ‘wondervraag’ bij voorkeur zo concreet mogelijk beantwoorden, waarbij ze de doelen in positieve en haalbare gedragingen verwoorden.

Stap 4a in gezamenlijke besluitvorming: Beslissen over hulp. De professional bespreekt welke oplossingen of behandelmogelijkheden er zijn, en wat de voor- en nadelen en verwachte resultaten hiervan zijn.

Aandachtspunten en gesprekstechnieken voor de professional

  • De professional informeert ouders en jeugdige in eenvoudige woorden welke mogelijke hulpvormen geschikt (effectief) kunnen zijn om hun vragen of problemen op te lossen.

Wat kunnen ouders en jeugdige zelf doen in het beslisproces?

  • Ouders en jeugdige dragen zelf mogelijkheden aan waarvan zij denken dat die mogelijk geschikt voor hen zijn.

Stap 4b in gezamenlijke besluitvorming: Beslissen over hulp. De professional vraagt aan ouders en jeugdige hoe zij tegen de verschillende mogelijkheden aankijken en welke voorkeur zij hebben.

Aandachtspunten en gesprekstechnieken voor de professional

  • De professional vraagt ouders en jeugdige wat volgens hen kan helpen om goed om te gaan met de problemen.
  • De professional staat open voor de wensen en voorkeuren van ouders en jeugdige.
  • De professional neemt de verantwoordelijkheid voor de opvoeding en de problemen niet van de ouders over, maar helpt hen zelf beslissingen te nemen door vragen te stellen waarmee de ouders zicht krijgen op hun wensen en voorkeuren.

Wat kunnen ouders en jeugdige zelf doen in het beslisproces?

  • Ouders en jeugdige geven hun mening over de mogelijkheden die de professional aandraagt.
  • Ouders en jeugdige brengen hun eigen oplossingen en ideeën naar voren.
  • Ouders en jeugdige vertellen het de professional als een oplossing niet werkt of als zij die al (zonder succes) hebben geprobeerd.

Stap 4c in gezamenlijke besluitvorming: Beslissen over hulp. Gezamenlijk beslissen zij welke mogelijkheid het beste aansluit bij de vraag of het probleem, en hun voorkeuren.

Aandachtspunten en gesprekstechnieken voor de professional

  • De professional vat samen (of vraagt ouders en jeugdige om samen te vatten) wat er in het gesprek gezegd is, welke argumenten voor en tegen bepaalde behandelmogelijkheden naar voren zijn gekomen.
  • De professional vraagt aan de ouder en jeugdige of hij dit correct heeft samengevat.
  • De professional vraagt ouders en jeugdige wat hun conclusie op basis hiervan is of, met andere woorden, welk besluit zij nu samen nemen. Dit verwoordt hij in zo concreet mogelijke en voor ouders en jeugdige begrijpelijke woorden.
  • Ter afsluiting kan het gesprek geëvalueerd worden: hoe kijken de gesprekspartners terug op het verloop van het gesprek? Zijn er nog vragen of onderwerpen die aandacht verdienen?

Wat kunnen ouders en jeugdige zelf doen in het beslisproces?

  • Ouders en jeugdige vatten zelf samen wat er tot nu toe is besproken en geven een conclusie wat de voors en tegens van bepaalde hulpmogelijkheden zijn.
  • Ouders en jeugdige geven commentaar op de samenvatting van de professional.
  • Ouders en jeugdige dragen actief bij aan de evaluatie en benoemen eventueel nog openstaande vragen.
Aandachtspunten in het beslisproces
Inhoudelijk kader voor besluitvormingsproces
Reageer!