Problematische gehechtheid

Preventie en interventie

Aanbevelingen

Aanbevelingen voor ouders en (professionele) verzorgers

Jeugdigen met een problematische gehechtheidsrelatie zijn gebaat bij ouders (en verzorgers) die sensitief met hen omgaan. Investeer daarom in (de relatie met) je kind. Neem de tijd om samen activiteiten te ondernemen, geef hem je volle aandacht. Luister en kijk goed naar je kind. Benoem wat hij met zijn gedrag laat zien en benoem zijn emoties (zie voor een uitgebreide beschrijving Werkkaart 2 Hoe bouw je een veilige gehechtheidsrelatie op met een jeugdige?).

    … Meer

    Aanbevelingen voor begeleiders

    1. Bij het ondersteunen van ouders/verzorgers in de omgang met een jeugdige die een problematische gehechtheidsrelatie heeft, staan de begeleider enkele erkende interventies ter beschikking: de VIPP-SD, de Ouder-baby-interventie, PCIT, de Basic Trustmethode en K-VHT. De begeleider dient wel getraind te zijn in het toepassen van zo’n specifieke interventie.

    2. Voor de behandeling van problematische gehechtheid bij kinderen ouder dan 7 jaar  is één interventie erkend als ‘effectief volgens eerste aanwijzingen’: de Integratieve Therapie voor Gehechtheid en Gedrag (ITGG).

    3. Omdat de begeleider in veel gevallen niet de beschikking heeft over bovengenoemde interventies heeft de werkgroep de volgende aanbevelingen geformuleerd op basis van consensus:

    • erken als begeleider de problemen en de eventuele pijn van ouders rond hun ouderschap;

    • zorg dat er gewerkt wordt aan psychiatrische problemen en (ernstige) stress van ouders in relaties of op het werk, door de ouders te verwijzen naar de huisarts voor doorverwijzing richting GGZ of het maatschappelijk werk. Als het stappenplan gevolgd wordt, dan is bij de eerste screening al duidelijk of de ouders psychiatrische problemen, relatieproblemen en/of problemen op het werk hebben;

    • erken de problemen waar ouders zelf mee worstelen, en bied steun. Dit kan de ouders helpen om meer open te staan voor (de behoeften van) hun kind. Goede begeleiding van de ouders ondersteunt zo de gehechtheidsontwikkeling van de jeugdige;

    • zoek op een niet-beschuldigende manier de samenwerking met de ouders en motiveer hen tot coaching;

    • zet psycho-educatie in waarbij zo concreet mogelijk uiteengezet wordt wat de jeugdige nodig heeft om een veilige gehechtheidsrelatie op te bouwen, en welke stappen de ouders daarin kunnen zetten;

    • indien er een videocamera beschikbaar is, maak opnames van de ouder-kindinteracties en bespreek achteraf met de ouders waar de interactie heel goed ging.

    • pas zelf in het contact met de ouders de principes toe die je hun wilt leren. Dat wil zeggen: reageer sensitief, luister goed, toon respect, spreek je vertrouwen in de ouders en het kind uit, probeer zo veel mogelijk aan te sluiten bij wat ouders en het kind nodig hebben en heb veel geduld;

    • in het contact dat je als begeleider hebt met de jeugdige pas je de sensitieve gedragsstijl toe zoals omschreven in werkkaart 1 Overzicht Richtlijn Problematische Gehechtheid.

    … Meer

    Aanbevelingen voor de gedragswetenschapper

    De gedragswetenschapper stelt in overleg met de ambulante begeleider, de ouders en eventueel de pedagogisch medewerker een behandelplan op voor een jeugdige met een problematische gehechtheidsrelatie. Daarbij wordt rekening gehouden met de volgende factoren en/of afwegingen.

    Factoren met betrekking tot het kind:

    • de uitkomst van de signalering en diagnostiek (zoals beschreven in het stappenplan in hoofdstuk Signalering en Diagnostiek ) waarbij de ernst van de gehechtheidsproblemen ingeschat is;

    • de leeftijd van de jeugdige. Vaak hangt leeftijd samen met de ernst van de gehechtheidsproblemen: naarmate de jeugdige ouder wordt, raken gedragsproblemen en verstoorde relaties meer verankerd en zal het meer moeite kosten om problematisch gedrag bij te stellen;

    • de mate waarin de jeugdige ernstige gedragsproblemen heeft.

    … Meer

    Afwegingen met betrekking tot de gehechtheidspersoon:

    • is de ouder aan wie de jeugdige problematisch gehecht is, nog beschikbaar?

    • in hoeverre staat deze ouder open voor begeleiding?

    … Meer

    Factoren met betrekking tot de randvoorwaarden:

    • de beschikbaarheid van en expertise in het uitvoeren van specifieke interventies zoals de VIPP-SD, de Ouder-babyinterventie, PCIT, Basic Trustmethode en K-VHT;

    • de beschikbaarheid van en expertise in het uitvoeren van specifieke therapieën die gericht zijn op het herstel van de relatie tussen ouder en kind.

    … Meer

    Het kind wordt waar mogelijk betrokken bij de totstandkoming van het behandelplan, op de hoogte gebracht van het behandelplan en in de gelegenheid gesteld zijn oordeel hierover te geven. Aan de mening van het kind wordt passend gewicht toegekend.

    Het bijsturen van de problematische gehechtheidsrelatie verdient de voorkeur boven het opbouwen van een heel nieuwe relatie.

    Indien de gehechtheidspersoon niet beschikbaar is óf indien deze persoon niet begeleid wil worden, dan moet de jeugdige de kans krijgen om een nieuwe gehechtheidsrelatie op te bouwen met een andere volwassene, zonder dat hij uit huis geplaatst wordt. Bij voorkeur wordt de nieuwe gehechtheidsrelatie opgebouwd met een persoon met wie de jeugdige al vertrouwd is en die voor langere tijd en regelmatig beschikbaar kan zijn. Een familienetwerkberaad (FNB) waarbij familieleden en bekenden uit het netwerk van het kind of de jongere bij elkaar gebracht worden kan een goed hulpmiddel zijn.

    Voorwaarden voor het opbouwen van een veilige gehechtheidsrelatie met een andere volwassene dan de ouder:

    • er is een volwassene beschikbaar die het kind of de jongere al kent;

    • de jeugdige is verzekerd  van een veilige en stabiele plek waar hij positieve interacties met de gehechtheidsfiguur kan aangaan;

    • er is in de instelling een persoon die de rol als vaste vertrouwenspersoon vervult: een mentor of een familielid, of iemand anders;

    • Wanneer een kind (tijdelijk) niet bij zijn of haar ouders verblijft, blijft het van groot belang dat het kind contact houdt met de ouders, tenzij dit niet in het belang van het kind is. Het verbreken van het contact tussen ouder en kind is een ingrijpende maatregel en mag slechts genomen worden indien de belangen van het kind dit eisen.

    … Meer

    Jonge kinderen met een problematische gehechtheidsrelatie en milde gedragsproblemen worden behandeld met behulp van een van de volgende erkende interventies: de VIPP-SD, de Ouder-baby-interventie, PCIT, de Basic Trustmethode en K-VHT. Jonge kinderen (tot en met 7 jaar) die een problematische gehechtheidsrelatie en ernstige gedragsproblemen hebben, zijn gebaat bij de interventie PCIT.

    Kinderen en jongeren met ernstige gehechtheidsproblemen (zoals een gedesorganiseerde gehechtheidsrelatie) hebben een specifieke behandeling nodig van de kinderpsychiater, GZ-psycholoog, of kinder- en jeugdpsycholoog NIP, of de orthopedagoog-generalist. Eén interventie is erkend als ‘effectief volgens eerste aanwijzingen’: de Integratieve Therapie voor Gehechtheid en Gedrag (ITGG).

    Wil je hier op reageren of heb je vragen? Neem dan contact met ons op.

    Conclusies
    Reageer!