Ervaringsverhaal

Nienke en Jolanda vertellen wat er komt kijken bij de ontwikkeling en invoering van een richtlijn.

Nienke Foolen en Jolanda Spoelstra, adviseurs Nederlands Jeugdinstituut

Heldere en ondubbelzinnige aanbevelingen zijn nodig, als we echt willen dat richtlijnen gebruikt gaan worden.

Het ontwikkelen van een richtlijn is een vak apart en dat geldt ook voor de invoering van een richtlijn. Het één kan niet zonder het ander. Het invoerteam denkt daarom met de ontwikkelaars van richtlijnen mee over de aanbevelingen in een richtlijn. Zijn de aanbevelingen duidelijk: wie moet een aanbeveling uitvoeren, wanneer, en wat moet de professional concreet doen? Heldere en ondubbelzinnige aanbevelingen zijn nodig, als we willen dat richtlijnen daadwerkelijk gebruikt gaan worden.

En dan, als er een conceptrichtlijn is, gaan we ‘de boer op’. Elke richtlijn wordt namelijk in een proefinvoering getest bij drie jeugdhulporganisaties. Samen met de richtlijnontwikkelaar instrueren we de professionals die gedurende drie maanden met de richtlijn zullen werken. Tijdens een instructiebijeenkomst hebben we aandacht voor de inhoud van de richtlijn en bespreken we wat de proefinvoer precies inhoudt en hoe ervoor gezorgd kan worden dat de richtlijn op het netvlies blijft.

We merken vanzelfsprekend dat de jeugdhulp volop in beweging is. Teams die ineens toch niet mee kunnen doen aan de proefinvoer. Of teams die door reorganisatie qua samenstelling veel veranderen. Dit is de realiteit en de context waarbinnen straks de richtlijnen landelijk ingevoerd moeten worden.

Gelukkig overheerst het positieve geluid. Professionals vinden het fijn om, juist in deze tijd van transitie en transformatie van de jeugdhulp, met elkaar aandacht te hebben voor inhoudelijke zaken. Een proefinvoer biedt de kans om alvast kennis te maken met richtlijnen voor de jeugdhulp die er straks tóch aankomen.

En, heel belangrijk: de proefinvoer levert zeer waardevolle feedback op. In samenwerking met de Hogeschool van Amsterdam worden professionals, managers en cliënten geïnterviewd. Op basis van hun feedback kan de richtlijn worden aangescherpt. Ook geven de proefinvoeringen veel inzicht in wat nodig is voor landelijke invoer.

Ervaringsverhaal bij