Multiprobleemgezinnen

Het vaststellen van ‘goed genoeg’ ouderschap

Hulpmiddelen bij het in kaart brengen en beoordelen van ouderschap

Om de situatie in het multiprobleemgezin in kaart te brengen en te beoordelen of deze goed genoeg is, maakt de jeugdprofessional gebruik van verschillende bronnen. De belangrijkste bronnen zijn de gesprekken met de gezinsleden en de observaties van de situatie en interactie in de eigen omgeving van het gezin. Ook is informatie van andere betrokkenen bij het gezin en dossierinformatie van belang.

Daarnaast zijn er diverse vragenlijsten en instrumenten beschikbaar om het functioneren van een gezin op de verschillende dimensies van opvoedingscapaciteiten en gezins- en omgevingsfactoren in kaart te brengen en te beoordelen. Dit zijn bijvoorbeeld de ‘Vragenlijst gezinsfunctioneren’, de ‘Vragenlijst gezinsfunctioneren voor ouders’, de ‘Taxatielijst voor ouderfunctioneren’, de ‘Gezinsvragenlijst’, de ‘Pedagogische variabelen lijst’, de ‘Vragenlijst voor gezinsproblemen’ en de ‘Nijmeegse vragenlijst voor de opvoedsituatie’. De kwaliteit van deze vragenlijsten verschillen echter van elkaar.

Meer informatie over deze instrumenten kunt u vinden in de databank Instrumenten. Een bruikbaar instrument dat de situatie in het multiprobleemgezin in kaart brengt vanuit het perspectief van ‘zelfredzaamheid’ is de zelfredzaamheidsmatrix. Met deze matrix kan worden beoordeeld of er sprake is van acute problematiek (1), of het gezin niet zelfredzaam (2), beperkt zelfredzaam (3), voldoende zelfredzaam (4) en volledig zelfredzaam (5) is. Er is een supplement beschikbaar om het ouderschap van volwassenen te beoordelen die de verantwoordelijkheid hebben voor minderjarige jeugdigen. Het gebruik en de uitkomst van een vragenlijst kan bijdragen aan de beoordeling van en besluitvorming over de (strategie van de) hulpverlening. Maar vragenlijsten geven geen harde grenzen aan, en geven dus niet precies weer wanneer het gezinsfunctioneren problematisch of goed genoeg is. Daarom is in ieder uniek multiprobleemgezin een individuele afweging en beoordeling op zijn plaats.

Veiligheid van de jeugdige

Veiligheid van jeugdigen is een essentieel thema bij het beoordelen van gezinssituaties – het is een belangrijke basisvoorwaarde voor een gezonde fysieke en psychische ontwikkeling van de jeugdige. Het is dan ook van belang specifiek te kijken welke signalen van veiligheid en onveiligheid er binnen een gezin zijn of mogelijk in de toekomst zullen zijn. Ook wanneer het veiligheid betreft, verzamelt de professional informatie van de verschillende gezinsleden en andere betrokkenen rondom de jeugdige, zoals leerkrachten, buren en familieleden. Tijdens deze gesprekken worden tevens (voorlopige) conclusies voorgelegd en besproken. Voorbeelden van instrumenten die gebruikt kunnen worden om de huidige veiligheidssituatie te beoordelen alsmede een risicotaxatie uit te voeren, zijn de LIRIK (Licht Instrument Risicotaxatie Kindveiligheid) en de CARE-NL (Child Abuse Risk Evaluation-Nederland). Deze zijn opgenomen in de Databank Instrumenten. Ook het ‘Assessment en planningsformulier’ van Signs of Safety is hier geschikt voor.

Nadat de informatie en signalen over veiligheid en onveiligheid zijn verzameld, en de informatie is gewogen, besproken en beoordeeld in samenspraak met de gezinsleden en een collega (jeugdprofessional of een gekwalificeerde gedragswetenschapper) breekt de fase van planvorming aan. In een ‘veiligheidsplan’, dat onderdeel is van het gezinsplan en met alle betrokkenen gezamenlijk wordt opgesteld, staat beschreven hoe de geconstateerde onveiligheid in het gezin aangepakt dient te worden en welke maatregelen genomen moeten worden om de veiligheid van de jeugdige in het dagelijks leven te waarborgen. Het veiligheidsplan dient in de loop van de tijd telkens verder ontwikkeld, bijgeschaafd en getest te worden. Volgens Turnell en Essex bevat een veiligheidsplan in situaties van lichamelijke mishandeling of seksueel misbruik meestal de volgende punten:

  • De namen van de belangrijkste veiligheidsmensen met wie de jeugdigen contact kunnen opnemen als zij problemen hebben.

  • De namen van degenen die de ouders bijstaan en met wie is afgesproken dat zij toezicht houden op de veiligheid van de jeugdigen.

  • De namen van de mensen die met name zullen bijspringen wanneer de primaire verzorger ziek, te gespannen of anderszins niet beschikbaar is.

  • Afspraken voor situaties zoals verjaardagen, feestjes of wanneer de ouders alcohol of drugs willen gebruiken.

  • Afspraken over andere jeugdigen wanneer familieleden of vrienden op bezoek komen of komen oppassen.

  • De leeftijd waarop het veiligheidsplan aan kleine kinderen moet worden uitgelegd en wie daarvoor verantwoordelijk is.

  • De ontwikkeling van jeugdigen en hoe het plan moet worden aangepast naarmate de jeugdigen opgroeien.

  • Een voorwerp dat de veiligheid in het gezin symboliseert.

  • Een uitspraak over de vraag hoe lang het veiligheidsplan van toepassing is.

… Meer

Aanbevelingen
Beoordelen van ouderschap
Reageer!